Hypnose en hypnotherapie zo oud als de dageraad
Oudheid
In het oude Griekenland, in de tempels van de god Asklepios, was het met name de slaap die uitkomst moest bieden voor problemen van lichamelijke of emotionele aard. Overdag was er aandacht voor het lichaam. ’s Avonds legde men de patiënt in de ommegang rond het heilige der heiligen te ruste, om zo via de hypnos (de slaap) wijsheid en inzicht van de Goden te verkrijgen. Wanneer men de droom onthield, konden priesters of priesteressen van de tempel helpen bij het ontcijferen van de boodschap der Goden. Echte wijsheid kwam van de Goden, was de opvatting van die tijd, en een ieder die er mee behept was, was slechts drager van dit Godengeschenk. Zo was het niet mogelijk wijsheid uit jezelf te halen. De hypnos echter was bij uitstek een middel om in contact te komen met die Goden. Ook was wijsheid verbonden met levenservaring. Door levenservaring kon het geschenk van de Goden pas tot wasdom komen; daarvóór was het verstandig zich te richten op anderen die reeds een langere duur van levenservaring achter de rug hadden. Mede hierdoor vormde wijsheid een speciale traditie in de Griekse samenleving, namelijk de ouderen te eren en gehoor te geven. Tenslotte bestond de scheiding tussen wat wijsheid in theorie was en wat in praktijk amper. Het hoofdaccent van ware wijsheid lag bij de wijze van leven, waarbij gelukkig zijn èn in harmonie twee belangrijke pijlers waren. Het is vooral deze laatste opvatting die we via TranceArt Opleidingen gestalte willen geven, zodat kennis niet slechts een hoofdzaak vormt, maar een geïntegreerd bestanddeel gaat zijn van de student die de opleiding volgt. Opdat Art de betekenis van levenskunst mag dragen!
4 mei 1784: Het begin van de moderne hypnotherapie
In de moderne tijd begon de hypnotherapie op 4 mei 1784. Het was op deze dag dat Marquis de Puységur een man, die bij hem op het land werkte, magnetiseerde. De Puységur had het magentiseren geleerd van Franz Anton Mesmer (1734-1815) en bracht het om ervaring op te doen in de praktijk bij de 22 jarige Victor Race. Victor kwam in een bijzondere staat terecht. Tegenwoordig noemen wij deze staat ‘trance’. De Puységur, die opmerkte dat de landarbeider zich anders dan normaal gedroeg, vroeg hem: “Wat is er met je aan de hand?” Hierop kreeg De Puységur volkomen onverwacht een uitgebreide uitleg van Victor wat hem mankeerde en wat er gedaan moest worden om te genezen. Het bijzondere was, dat Victor Race geen medische kennis had, maar door deze bijzondere staat van zijn, in staat was dingen te weten die hij eigenlijk niet kon weten. De Puységur maakte hieruit de logische conclusie, dat het kennelijk mogelijk was een trancestaat op te roepen, waarin bijzondere dingen konden gebeuren. Hierop is de Puységur zich verder gaan toeleggen op het oproepen van deze trancestaat, om op deze manier mensen te genezen. Na hem zouden nog velen volgen. In de begintijd waren onder andere mensen als Carl Alexander Ferdinand Kluge, Joseph Deleuze pioniers. In Nederland waren dat mensen als P.G. van Ghert en Jodocus Meijer, maar ook Gijbert Karel van Hogendorp hield zich drie jaar lang bezig met magnetiseren. In deze tijd sprak men nog over ‘dierlijk magnetisme’, en moest het woord hypnose nog uitgevonden worden.
Midden 19e eeuw
James Braid gebruikt in zijn boek Neurypnology, or the Rationale of Nervous Sleep considered in relation with Animal Magnetism (1843) het woord hypnose. Hij gebruikte het woord hypnose voor de nerveuze slaap welke door geconcentreerde aandacht op een mens of een voorwerp opgeroepen kon worden. Door het verstoren van de oogzenuwen zou de patiënt uit zijn evenwicht brengen, waardoor hij in een diepe (somnambulistische) trance terecht zou komen. Dat hypnose zijn weg steeds meer zijn plaats gaat innemen blijkt onder andere uit een boek dat in 1846 verscheen een boek van de Engelse chirurg James Esdale getiteld Mesmerisme in India. Esdale beschrijft in dit boek hoe hij in India 300 mensen succesvol onder hypnose opereert.   ▲topÂ
Eind 19e eeuw
In deze periode ontstaan diverse wetenschappelijke strijden tussen allerlei geleerde heren over wat hypnose nu eigenlijk is. Aan de ene kant staan mensen van de School van Nancy vooraanstande mensen als Hippolyte Bernheim en Ambroise-Auguste Liébeault. Aan de andere kant tref je de Franse professor Jean-Martin Charcot (Hôpital de la Salpêtrière) aan. Charcot die Sigmund Freud ooit beïnvloedde, delfde het onderspit. De inhoud van deze discussie voert voor hier te ver. Belangrijk is dat vanaf dit moment veelvuldig discussies ontstonden over het wezen van de hypnose.   ▲top
20e eeuw
In de 20e eeuw is veel universitair onderzoek gedaan naar hypnose en zijn therapie: de hypnotherapie. In de 20e eeuw is het vooral Milton Erickson die zijn stempel op de hypnose drukte. De man was ging zelfs zo succesvol met hypnose en hypnotherapie om, dat hij (samen met de gezinstherapeute Virgina Satir en de gestalttherapeut Fritz Perls) door Richard Bandler en John Grinder geanalyseerd werd waarom hij zo succesvol was. Uit deze analyse werd de NLP geboren, het Neuro-Linguïstisch Programmeren. Het bestaan van hypnose en zijn invloed op het onderbewuste van de mens is inmiddels voldoende bewezen. Momenteel speelt nog steeds de discussie in hoeverre hypnose nu een fysiologisch fenomeen is, of dat het door suggesties opgeroepen wordt, of dat onzichtbare energie toch ook ergens een rol speelt. Naar onze mening is dit een combinatie van dit al.   ▲top
©TranceArt